Lees de tekst en kijk naar de beelden!
Vink de letters aan volgens de lessen op die dag. (Zie voorbeeld voor 'wiskunde')

Vincent gaat met de bus naar school. Hij heeft een abonnement. Hij eet elke dag op school.

Op maandag en donderdag heeft hij gymles en op vrijdag gaat de klas naar het zwembad.
Vincent heeft 4 uur Frans, één uur per dag (niet op donderdag). Zijn boek Frans heet "Branché".
Voor Nederlands lezen ze een avonturenboek. Hij heeft het boek bij zich op maandag, woensdag en vrijdag.

De leraar geschiedenis en aardrijkskunde heet Meneer Van Eijk. Hij komt op maandag voor geschiedenis en op dinsdag voor aardrijkskunde.
En voor wiskunde (elke dag) neemt hij zijn liniaal mee, maar geen rekenmachine.

Maandag Dinsdag Woensdag Donderdag Vrijdag
 - 
 - 
 - 
 - 
 - 
 - 
 - 
 - 
 - 
 - 
 - 
 - 
 - 
 - 
 - 
    = Goed! (+1)        = Fout! (-1)       - Letters A tellen niet mee!

A.   math       B.   géo       C.   français

D.   piscine       E.   histoire       F.   néerlandais

© 2011 - LDD-Soft