Tips om te telefoneren

1. Jij belt iemand op

- Vóór het telefoongesprek:

        • Heb je opgeschreven wat je wil vragen?
        • Heb je pen en papier klaar?

- Tijdens het telefoongesprek:

        • Heb je de persoon die opneemt gegroet? (bijvoorbeeld "Goedemorgen")
        • Heb je daarna gezegd wie je bent? (bijvoorbeeld "[U spreekt] met Anna Martens")
        • Heb je die persoon tijd gegeven om jou te groeten?
        • Heb je gezegd waarom je belt? (wat is je boodschap?)
        • Heb je de afspraak die je maakt herhaald? (bijvoorbeeld "Dus ik herhaal: ...")
        • Heb je de afspraak opgeschreven? (wat? waar? wanneer? meebrengen?…)
        • Heb je de persoon bedankt?

2. Iemand belt jou op

      • Heb je eerst gezegd wie je bent? (bijvoorbeeld "Met Anna Broeckx")
      • Heb je de persoon die opneemt gegroet? (bijvoorbeeld "Goedenavond")
      • Heb je die persoon tijd gegeven om te zeggen wie hij/zij is?
      • Heb je gevraagd hoe je die persoon kan helpen?
(bijvoorbeeld "Waarmee kan ik u / je helpen?")
      • Heb je de andere laten zeggen waarom hij belt?
      • Heb je zijn vraag beantwoord?
      • Heb je je verontschuldigd als je niet kan helpen of geen antwoord kan geven?
(bijvoorbeeld "Het spijt me, maar ik…")
      • Heb je de afspraak herhaald en direct opgeschreven?
(bijvoorbeeld "Morgen om 2 uur in het Open Leercentrum")
      • Heb je afscheid genomen? (bijvoorbeeld "Tot morgen")

Enkele andere tips

    • Zorg dat je alleen bent wanneer je een belangrijke telefoon doet.
    • Ga zitten.
    • Spreek luid en duidelijk.
    • Lach wanneer je spreekt, je ziet het niet, maar je hoort het wel aan de andere kant van de lijn!
    • Laat de andere altijd uitspreken.
Bron : http://cteno.be/www_cteno/assets/downloads/
©2012 ~ LDD-Soft