Hoofddeksels

Oef.1 - Wat zetten ze op hun hoofd?

  1. Jan is postbode. Hij draagt een blauw uniform. Daar hoort een bij.
  2. De grote kindervriend Sinterklaas was vroeger een bisschop. Daarom draagt elke Sinterklaas nu een op zijn hoofd.
  3. Mister Magie is een goochelaar. Hij haalt uit zijn zijden sjaaltjes, bloemen en witte duiven.
  4. Inneke rijdt met de fiets naar school. Ook in de winter. Dan zet ze een warme op.
  5. Nico heeft een zware motorfiets. Als hij met zijn motor gaat rijden, zet hij zijn op.
  6. Charlie Chaplin was de held van de stomme film. Iedereen kende het kleine mannetje met zijn snor, zijn wandelstok en zijn .
  7. In de zomer draagt Peter graag een . De klep houdt het zonlicht uit zijn ogen.
 

[ Tekst en tekening : 'Sleutelgat' september 1992 - Uitgeverij 'De Sikkel' ]


Oef.2 - Sleep de woorden naar de juiste tekening!

klep - postbode - goochelaar - sjaaltjes - motorfiets - sinterklaas - bisschop - snor - duif - wandelstok

Oef.3 - Schrijf het meervoud van elk woord!

postbode 'postbode' a 2 pluriels 'postbodes' et 'postboden'
bisschop Redoublement de la consonne finale précédée d'une seule voyelle brève accentuée.
goochelaarNom terminé en -aar : sing.+ s
duif Nom terminé par un 'f' précédé d'une diphtongue.
Le 'f' se transforme en 'v' au début de la syllabe.
fiets Pluriel tout à fait régulier : sing. + en. Le 's' ne peut pas se transformer en 'z', car il n'est pas directement précédé par une voyelle longue ou une diphtongue!
helm Pluriel tout à fait régulier : sing. + en
film Les noms d'origine étrangère (surtout française) et dont l'orthographe est inchangée prennent 's' au pluriel.
wandelstokRedoublement de la consonne finale précédée d'une seule voyelle brève accentuée.
oog Une voyelle longue est représentée par une seule voyelle dans une syllabe ouverte.
muts Pluriel tout à fait régulier : sing. + en. Le 's' ne peut pas se transformer en 'z', car il n'est pas directement précédé par une voyelle longue ou une diphtongue!
snor Redoublement de la consonne finale précédée d'une seule voyelle brève accentuée.
mannetje Les diminutifs prennent la terminaison S au pluriel.
klep Redoublement de la consonne finale précédée d'une seule voyelle brève accentuée.
school Une voyelle longue est représentée par une seule voyelle dans une syllabe ouverte.
uniform Pluriel tout à fait régulier : sing. + en
 

Oef.4 - Kun je de zinnen met een voorzetsel of een partikel invullen?

  1. Jan is postbode. Hij draagt een blauw uniform. Daar hoort een kepie .
  2. De grote kindervriend Sinterklaas was vroeger een bisschop. Daarom draagt elke Sinterklaas nu een mijter zijn hoofd.
  3. Mister Magie is een goochelaar. Hij haalt zijn zijden sjaaltjes, bloemen en witte duiven.
  4. Inneke rijdt de fiets school. Ook de winter. Dan zet ze een warme muts .
  5. Nico heeft een zware motorfiets. Als hij zijn motor gaat rijden, zet hij zijn helm .
  6. Charlie Chaplin was de held de stomme film. Iedereen kende het kleine mannetje zijn snor, zijn wandelstok en zijn bolhoed.
  7. de zomer draagt Peter graag een pet. De klep houdt het zonlicht zijn ogen.
 

Oef.5 - Kun je volgende woorden in het Frans vertalen?

postbode bisschop goochelaar
duif zijden helm
mijter wandelstok hoge hoed
muts stomme film bolhoed
klep held zwaar
 

Oef.6 - Kun je deze zinnen in de OVT (imparfait/prétérit) zetten?

  1. Jan (is) postbode. Hij (draagt) een blauw uniform. Daar (hoort) een kepie bij.
  2. Mister Magie en Mister Magic (zijn) goochelaars. Ze (halen) uit hun hoge hoeden zijden sjaaltjes, bloemen en witte duiven.
  3. Inneke (rijdt) ook in de winter met de fiets naar school.
  4. Nico (heeft) een zware motorfiets. Als hij met zijn motor (gaat) rijden, (zet) hij altijd zijn helm op.
  5. In de zomer (houdt) de klep van zijn pet het zonlicht uit zijn ogen.
   

Oef.7 - Sleep de woorden naar de juiste tekening!

bontmuts - tulband - veldmuts - diadeem - sombrero - baret - koksmuts - kroon - strohoed - bivakmuts

© - LDD-Soft.be